Emissies2
MVO-thema

Emissies 

SDG 13

Waarom is dit een MVO-thema voor Van Loon Group?

Klimaatverandering als gevolg van broeikasgasemissies is één van de belangrijkste thema’s van nu en voor de komende jaren. Ook de producten van Van Loon Group en de processen die nodig zijn om deze te produceren, dragen bij aan deze emissies. 

Scope

Het gaat om de uitstoot van eigen directe en indirecte emissies (scope 1 en 2) en emissies in de waardeketen (scope 3) conform de SBTi Inventory. 

Ons beleid

Van Loon Group heeft zich gecommitteerd aan de CO₂-reductiedoelstellingen voor 2030, deze zijn gevalideerd door het Science Based Targets Initiative (SBTi). De doelstellingen sluiten volledig aan bij het klimaatakkoord van Parijs, dat streeft naar het beperken van de mondiale temperatuurstijging tot maximaal 1,5°C. Ons uiteindelijke doel is om in 2050 volledig klimaatneutraal te opereren.

Veruit het grootste deel van de CO₂-footprint van onze eindproducten wordt ‘upstream’ gecreëerd bij de teelt van veevoer en emissies in de stal. Als ketenregisseur werkt Van Loon Group samen met veehouders en andere partners in de keten om de CO₂-footprint van de totale keten te verlagen.

Stakeholders

We hebben onze klanten betrokken bij het vaststellen van onze emissiereductiedoelen. Daarnaast werken we nauw samen met leveranciers, veehouders en voerleveranciers om deze doelen te realiseren. Op deze manier beperken we onze impact op het milieu en dragen we bij aan gezonde gemeenschappen.

Monitoringsproces

We volgen de voortgang van onze doelstellingen door de uitstoot van broeikasgasemissies te berekenen op basis van zowel activiteitgegevens als gemiddelde data. Jaarlijks publiceren we deze voortgang in ons MVO-jaarverslag.

Externe standaarden 

• ESRS E1 - Klimaatverandering
• SBTi
• GHG Protocol 

Materiële Impacts, risico’s en kansen

• Scope 3 - GHG emissies - aangekochte diensten en goederen
• Emissiereductiemaatregelen: efficiënt voedselpakket voor koeien en/of varkens 

Hoogst verantwoordelijke voor uitvoering beleid

CSO

Broeikasgasemissies in de waardeketen

Broeikas

Scope 1 - directe emissies

Alle emissies die rechtstreeks vrijkomen bij de activiteiten van Van Loon Group.

Scope 2 – indirecte emissies

Alle emissies in verband met de aankoop van elektriciteit, verwarming en koeling.

Scope 3 – indirecte emissies in de waardeketen

Alle emissies die verband houden met zowel ‘upstream’ als ‘downstream’ activiteiten. 

Resultaten

Scope 1 en 2 emissies (ton CO2-eq)

Emissies scope1en2 staaf NL
Emissies scope1en2 taart NL

Scope 3 Fossiele emissies* (ton CO2-eq)

Emissies scope3 staaf NL
Emissies scope3 taart NL

Scope 3 FLAG emissies* (ton CO2-eq)

Emissies scope3 flag taart NL

*SBTi inventory: alle categorieën exclusief 3.9 Downstream transport, 3.10 Gebruik van verkochte producten en 3.1 FLAG vlees anders dan rund of varken.

Uitgevoerde en geplande acties

Activiteiten 2025

Scope 1 en 2

In 2025 zijn onze scope 1 en 2 emissies met 10% gedaald en hebben wij onze doelstelling voor 2030 reeds bereikt! We hebben emissiereducties gerealiseerd door minder energie te gebruiken: 2% minder gas (67.000 m3), 7% minder elektriciteit (3.230 MWh) en 7% minder brandstof (9.000 L). Daartegenover staat een stijging van 19% in emissies als gevolg van koudemiddellekkages, met name bij locatie Oude-Tonge. Per saldo resulteerde dit in een totale emissiereductie van 10%.

Scope 3 Non-FLAG

De fossiele scope 3 emissies binnen de SBTi-inventory zijn met 1,2% afgenomen. Ondanks de lichte daling liggen we momenteel niet op koers om de reductiedoelstelling voor 2030 binnen scope 3 non-FLAG te behalen. De grootste bijdrage binnen deze scope komt van de inkoop van goederen en diensten. Hoewel de totale emissies in deze categorie vrijwel stabiel zijn gebleven, is de uitstoot gerelateerd aan ingekocht verpakkingsmateriaal met 5% gestegen ten opzichte van het voorgaande jaar. Verpakkingsmateriaal vormt circa 45% van de upstream emissies binnen de inkoop van goederen en diensten. De emissies uit afvalverwerking en transport zijn licht gedaald. Om verdere reducties te realiseren, wordt ingezet op de elektrificatie van transportactiviteiten.

Scope 3 FLAG

De FLAG-emissies als gevolg van Bosbouw, Landgebruik en Landbouwactiviteiten zijn met ruim 6% gedaald (146.800 ton CO₂-eq). De reductie is voornamelijk toe te schrijven aan een verschuiving in onze inkoopvolumes: minder volume met een hogere footprint, met name rundvlees, en meer plantaardige grondstoffen en varkensvlees met een lagere footprint. Bij de berekening is uitgegaan van ongewijzigde emissiefactoren. Emissiereducties die reeds zijn gerealiseerd binnen de varkensketen zijn hierin nog niet meegenomen.

Vooruitblik 2026

In 2026 gaan we ook de CO₂- data over 2024 en 2025 van onze varkenshouders via de blockchain verwerken. Vanaf het verslagjaar 2026 zullen we deze primaire data meenemen in onze scope 3 berekeningen.

De lopende projecten voor afvalreductie, energiebesparingen en beter recyclebaar verpakkingsmateriaal worden ook in 2026 gecontinueerd. De overgang naar beter recyclebare verpakkingen, met name mono-materialen, kan echter leiden tot een (beperkte) toename van scope 3 non-FLAG-emissies. Dit komt doordat soms meer materiaal nodig is om dezelfde barrière-eigenschappen te realiseren voor het waarborgen van productkwaliteit en houdbaarheid.

Samen met onze leveranciers zetten wij in 2026 verdere stappen in de elektrificatie van transporten om de uitstoot binnen de logistieke keten te reduceren.

Primaire CO₂- data binnen Varken op z’n Best

Nadat we onze varkenshouders in 2024 technisch hebben aangesloten op de blockchain, hebben we vorig jaar de data over 2023 geüpload in de blockchain en getoetst op volledigheid en juistheid. Met behulp van een geautomatiseerde CO₂-calculator hebben we daarna de exacte CO₂- footprint van onze varkenshouders over 2023 berekend. De calculator hanteert de methodologische uitgangspunten van de Product Environmental Footprint (PEF)-richtlijnen van de Europese Commissie. De sectorspecifieke uitwerking van deze reken-
regels is door de Nederlandse varkenssector samen met Wageningen University & Research opgesteld en gevalideerd.

De berekening van onze CO₂-footprint en de daarbij behorende, door het SBTi gevalideerde CO₂-reductiedoelstellingen, is gebaseerd op emissiefactoren uit de AgriFootprint 5.0.

Deze Life Cycle Inventory (LCI)-database, ontwikkeld door Blonk (inmiddels onderdeel van Mérieux NutriSciences), biedt een gedetailleerde set emissiefactoren specifiek gericht op de landbouw- en voedingssector, waaronder representatieve data voor de Nederlandse varkenshouderij. Ten opzichte van het referentiejaar 2019 hebben we in 2023 een reductie gerealiseerd van ruim 33%. Een duidelijk bewijs dat het ketenmanagement in onze VoB-keten tot concrete resultaten leidt!

Transitieplan voor klimaatmitigatie

Onderstaande grafieken geven de gerealiseerde reducties weer in de periode 2019 - 2025. En de geplande reducties in de periode 2026 - 2030 om aan onze SBTi doelstellingen te voldoen.

Transitieplan 2019 -2030 | Scope 1 & 2 emissies

Emissies Transitionplan 2019 2030 scope 1+2 NL kopie

Transitieplan 2019 -2030 | Scope 3 Fossiele emissies

Emissies Transitionplan 2019 2030 scope 3 NL

Transitieplan 2019 -2030 | Scope 3 FLAG emissies

Emissies Transitionplan 2019 2030 scope 3 Flag NL